Lilian fietste in één zomer ruim 3.000 kilometer over vijf LF-routes

LF-routes
2 november 2026

Vijf LF-routes in één zomer. Ruim 3.000 kilometer door Nederland. Meestal aan het eind van de dag met de trein terug naar huis en de volgende dag weer verder. Voor Lilian (28) uit Aalsmeer werd het een zomer waarin zij Nederland opnieuw ontdekte én erachter kwam hoeveel ze eigenlijk zelf kan.

In mei stapte ze op de fiets voor de Waterlinieroute. Op 7 augustus zat haar vijfde en laatste LF-route erop. Na de Waterlinieroute, volgden de Kustroute, Maasroute, Zuiderzeeroute en tot slot de Ronde van Nederland.

Het begon allemaal vier jaar geleden, toen Lilian samen met een vriendin de Zuiderzeeroute fietste. Door omstandigheden maakten ze echter de route niet af. Daarna volgde een mindere periode; een auto-immuunziekte maakte dat fietsen minder vanzelfsprekend voor haar werd. ‘Maar dit jaar merkte ik dat het eindelijk weer beter ging en dacht toen; ik ga niet nog weer een jaar uit het raam kijken. En heb ik eerst die Zuiderzeeroute afgemaakt’, aldus Lilian.

Het rijden van LF-routes sprak haar aan: fietsen krijgt daarmee een duidelijk doel. Eerst wilde ze simpelweg één volledige route rijden. Toen dat verrassend gemakkelijk lukte, ontstond een nieuw idee. Waarom niet proberen om meerdere LF-routes in één jaar te doen? ‘Zo legde ik de lat steeds een stukje hoger.’

 

Alleen fietsen is uitdagend, maar geeft ook vrijheid

Alleen op pad gaan vond Lilian vooraf best spannend. Ze vindt het niet gemakkelijk om sociale contacten aan te gaan, ook niet als het enkel gaat om een praatje met vreemden. Juist daarom werd het fietsen meer dan alleen een sportieve uitdaging. ‘Het ging mij om meer dan het fietsen zelf. Ik deed het ook om aan mezelf te werken. Gezonder worden, weer wat sterker in mijn schoenen staan.’

Dat lukte. Door goed naar haar lichaam te luisteren en zichzelf niet voortdurend over grenzen heen te duwen. Gemiddeld fietste ze zo’n 50 tot 60 kilometer per dag. Op warme dagen vertrok ze eerder of later, fietste ze minder kilometers of laste ze een rustdag in.

Die vrijheid is één van de grote voordelen van alleen fietsen. Lilian zegt daarover: ‘Je bepaalt zelf wanneer je start, wanneer je pauzeert en wanneer het tijd is om te stoppen. En je hebt niet het gevoel dat je een ander moet bijhouden of andersom.’

Een ander belangrijk voordeel ontdekte Lilian onderweg: alleen reizen betekent niet dat je alleen bent. ‘Ik heb heel vaak gehoord: in je eentje, vind je dat niet verschrikkelijk? Maar je komt juist dan heel gemakkelijk met mensen in gesprek. Dat gebeurt veel minder als je met z’n tweeën bent.’

Onverwachte ontmoetingen

Op de fiets ontstaan gesprekken vaak vanzelf. Een andere fietser die even stopt. Iemand op de camping. Een ontmoeting bij een terrasje. Zo zat Lilian op een dag een krentenbolletje te eten, vlak bij een terras waar twee oudere dames zaten. Er ontstond spontaan een gesprek. ‘Ik denk niet dat ze dat gedaan hadden als ik met iemand anders had zitten kletsen.’

Tijdens een hittegolf zat ze bij een temperatuur van 35 graden uit te rusten onder een viaduct. Een andere fietser kwam naar haar toe, ook op zoek naar verkoeling. Even later waren ze in gesprek. En toen op een dag het wiel uit haar fiets viel, kwam er binnen een paar minuten spontaan iemand helpen. En zo waren er doorlopend spontane ontmoetingen.

Ook de trein bleek een ontmoetingsplek. Omdat Lilian regelmatig met haar fiets terug naar huis reisde, zat ze in de trein vaak bij haar fiets in het halletje. Daar raakte ze gemakkelijk aan de praat met andere fietsers. ‘Juist die kleine alledaagse momenten maakten mijn fietstochten verrassend’, vertelt Lilian.

Een LF-route hoeft niet in één keer

Lilian ontdekte dat je een LF-route niet achter elkaar hoeft te fietsen. Haar oplossing: de trein met een goedkoop dalurenabonnement. Vaak fietste ze een etappe, zocht aan het eind van de dag een station in de buurt en nam vanaf daar de trein naar huis. De volgende dag reisde ze weer naar het station waar ze gestopt was en fietste vanaf dat punt verder. ‘Het is eigenlijk heel handig. En het scheelt enorm in de kosten, want kamperen is soms best duur.’

Natuurlijk vraagt deze manier van reizen iets meer voorbereiding. Je moet vooraf kijken waar stations liggen en soms een stukje van de LF-route afwijken. Vooral in Zeeland en Groningen was dat niet altijd even gemakkelijk en dan is het handiger om te kamperen. Maar in grote delen van Nederland werkte het prima. 

Van elektrische fiets naar racefiets

Lilian begon vier jaar geleden op een elektrische fiets met haar eerste LF-route, maar dit jaar stapte ze over op een racefiets. Dat betekende weliswaar minder ruimte voor bagage, maar ook meer vrijheid. ‘Je hoeft nooit op te laden en of op te letten of je batterij nog genoeg lading heeft.’

Haar kampeeruitrusting was compact: een tentje, slaapmatje en slaapzak. Kookspullen liet ze thuis, omdat ze maar af en toe kampeerde. Wat gereedschap, een reserve binnenband en bandenplakspullen gingen altijd wel mee.

Een lekke band is haar bespaard gebleven. Maar ze weet wel hoe ze een band moet plakken, iets wat ze iedereen zou adviseren als je met de fiets wat langer op pad gaat. Ook ontdekte ze onderweg dat materiaalkeuzes bij langere afstanden belangrijker worden. Haar zadel verwisselde ze voor een zadel speciaal voor vrouwen. ‘Dat merk je pas als je langere afstanden fietst. Met dat zadel was ik heel blij.’

Van de Wadden tot Limburg

Van de vijf routes maakte vooral de Kustroute indruk. ‘Die vond ik met stip het mooist. De combinatie van natuur, de kust en de Deltawerken in Zeeland sprak me aan. Verder naar het noorden veranderde het landschap: boulevards en strandtenten in Zuid-Holland, het prachtige en brede duingebied van Noord-Holland en daarna de weidsheid langs de Waddenkust bij Friesland en Groningen.’ De Waddenkust had voor haar echter ook een keerzijde. Met harde tegenwind op de Waddendijk was het stevig doortrappen. Lauwersoog maakte dat weer goed, vooral toen het nacht werd. ‘Toen ik daar kampeerde zag ik een indrukwekkende sterrenhemel. Later kwam ik erachter ik dat het officieel een Dark Sky Park is.’

De Zuiderzeeroute bracht haar langs bekende plaatsen als Volendam en Enkhuizen en langs andere prachtige, maar minder bekende dorpjes en stadjes. De Maasroute paste goed bij haar liefde voor water en rust. En er waren veel pontjes op die route, iets wat ze ook erg leuk vond. In Limburg veranderde het landschap langs de Maasroute opnieuw en werd het glooiend.

En dan was er de Waterlinie-route. Die voert langs tal van oude verdedigingswerken. Dat had niet direct de grootste interesse van Lilian, maar juist doordat de route door haar eigen omgeving liep, ontdekte ze plekken waar ze anders waarschijnlijk nooit was gekomen. “Dat vond ik wel heel leuk. Je ontdekt zelfs in je eigen woonomgeving nieuwe dingen.” 

Nederland is verrassend divers

De meeste LF-fietsers ervaren dat Nederland enorm gevarieerd is en dat het landschap voortdurend verandert. En dat was ook precies de beleving van Lilian. Ze houdt van natuur, afwisseling en het gevoel dat je soms door het ‘niets’ fietst. Dat vond ze in het oosten van het land meer dan in de Randstad.

Juist dat is volgens Lilian een van de mooiste kanten van het fietsen van een LF-route. Je komt op plekken waar je anders nooit zou komen. Kleine dorpen en plaatsen die je misschien alleen van naam kent en soms zelfs dat niet. ‘Als je in Limburg fietst, is het compleet anders dan wanneer je in Friesland fietst. Dat maakt het zo bijzonder. Ik kan het eigenlijk niet goed uitleggen. Mensen moeten het gewoon zelf gaan fietsen en het zelf ontdekken.’

Je hoeft niet te wachten tot je alles kunt

De ervaringen van deze zomer hebben Lilian iets belangrijks geleerd. Juist op de dagen dat het moeilijk was, waarop zij vermoeid raakte, merkte ze dat doorgaan haar sterker maakte. ‘Je leert ervan om verder te gaan, ook als er tegenslag is. Je zou het bijna helend kunnen noemen.’

Voor mensen die dat ook graag zouden willen, maar toch nog twijfelen, zegt Lilian: ‘Laat je niet zomaar tegenhouden door een fysieke of sociale beperking, er is vaak veel meer mogelijk en je kunt vaak veel meer dan je denkt.’

Dat betekent overigens niet dat iedereen vijf LF-routes in één zomer moet rijden. Lilian benadrukt juist dat iedereen zijn eigen tempo en vorm moet kiezen. Een paar dagen fietsen of een weekend. Overnachten op een camping of B&B of iedere dag een stukje en ’s avonds met de trein naar huis. Wie een hele route wil fietsen, hoeft dus niet per se een week of langer van huis te zijn en zo wordt zo’n lange LF-route ineens een stuk toegankelijker. ‘Je moet een beetje kijken wat voor jou werkt’, aldus Lilian. Lilian benadrukt  daarbij dat je gewoon kunt beginnen en onderweg ontdekken wat voor jou werkt. ‘Je kunt je heel erg inlezen, maar je leert het meest als je eraan begint. Sommige dingen kun je voorbereiden en soms moet je gewoon dingen doen.’

  • LF-routes

Geschreven door

Klaas Mussche

Informatie

Gerelateerde artikelen